'Gevlucht en gevangen tussen grenzen': alleenstaande minderjarige vluchtelingen in JJI Juvaid

'Gevlucht en gevangen tussen grenzen':  alleenstaande minderjarige vluchtelingen in JJI Juvaid
Juvaid

02 oktober 2017

De afgelopen periode is het aantal alleenstaande minderjarige vluchtelingen (AMV’ers) in de justitiële jeugdinrichting (‘jeugdgevangenis’) Juvaid in Veenhuizen toegenomen. Door de opvang van deze groep, verdacht van of veroordeeld voor een strafbaar delict, werd zichtbaar dat er bij deze jongeren veelal sprake is van ernstige (onderliggende) trauma’s. Pedagogisch medewerkers Esther en Rowan vertellen over hoe zij met hun collega's omgaan met deze groep die alleen hun eigen taal machtig is en in een onveilige omgeving met geweld en onderdrukking is opgegroeid.

De problematiek
Deze doelgroep is gewend om iedereen, ook familie, te wantrouwen. Er is sprake van een constante overlevingsstand. De waargenomen problematiek van AMV’ers bij binnenkomst omvat over het algemeen woede, onzekerheid, angst, zelfbeschadiging en wantrouwen. Het uit zich met name in boos en externaliserend gedrag, of juist angstig en internaliserend gedrag. In beide gevallen is er veelal sprake van zelfbeschadiging. De doelgroep kan door hun omstandigheden zeer agressief zijn en dit vraagt veel van de medewerkers en andere jongeren.

Hoe gaan we hiermee om in Juvaid?
Vanwege de taalbarrière tussen deze gedetineerden en de medewerkers leggen we aan de hand van pictogrammen de dagstructuur en de huisregels uit. Door middel van deze uitleg wordt het voor een AMV’er helder wat er van hem verwacht wordt en wat hij binnen Juvaid kan verwachten. De focus ligt op het ‘hier en nu’. Een stabiele dagstructuur helpt om rust en veiligheid te creëren. Vanuit deze veiligheid is het belangrijk om met de jongere op zoek te gaan naar zijn eigen cultuurgebonden manier om spanningen te reduceren.

Taalbarrière overbruggen
Op de groep kunnen we gebruikmaken van een tolkentelefoon. Het contact is vanwege de taalbarrière minimaal maar er zijn medewerkers die Arabisch spreken, de moedertaal van een deel van de AMV’ers die geen andere taal spreken. Mede met hun hulp gaan we het contact dus wel aan. In dit contact is oprechte aandacht voor de jongere belangrijk. We verdiepen ons  in zijn cultuur (we laten dit zien en merken), laten ook zien dat wij er voor ze zijn en dat de jongere gezien wordt door middel van simpele handgebaren en oogcontact. Onze ervaring is dat dit contact de basis vormt voor het verblijf van de AMV’er, het draagt tevens bij aan een positieve relatie tussen de AMV’er en pedagogisch medewerker.

Fouten maken mag
AMV’ers zijn vanuit eigen cultuur gewend om gestraft te worden wanneer ze een fout maken. Binnen Juvaid laten wij jongeren kennis maken met het orthopedagogische leefklimaat. Jongeren krijgen de ruimte om fouten te maken, ervan te leren en op zoek te gaan naar eigen identiteit. Door middel van observaties proberen we zo goed mogelijk de context van een AMV’er in kaart te brengen, zodat we bij hem en zijn gedrag kunnen aansluiten. Waarom doet deze jongere wat hij doet? Wat wil hij met dit gedrag uitdrukken? Is het trauma? Of is het onbegrip en actuele onmacht? Pedagogisch medewerkers zijn vaak geneigd om op het gedrag te reageren, terwijl de bedoeling erachter of de oorzaak van het gedrag moet worden achterhaald. Dat blijft altijd een uitdaging.

Expertise
Binnen Juvaid hebben we op het gebied van het werken met AMV’ers inmiddels veel expertise ontwikkeld. Om een kwalitatieve behandelrelatie aan te gaan, ervaren wij het gemis van de Arabische taalbeheersing. Ondanks het gemis van dit essentiële onderdeel, kunnen we door middel van creatieve ingevingen mooie dingen bereiken. Werkend op basis van intuïtie, begrip en oprechte interesse overbruggen we de kloof tussen taal en cultuur. Zo proberen we een veilige plek in een voor hen onbekend land te bieden.